“qsdf jklm qsdf jklm qsdf jklm” …. en zo kan ik nog wel een alinea of 2 doorgaan. Het waren de eerste letters die ik met mijn 8 vingers op het klavier tikte. 8 vingers John? Heb je een aangeboren afwijking of ben je een aantal vingers zoekgeraakt? Helemaal niet, maar om letters te tikken gebruik je eigenlijk maar 8 vingers.  “De beide duimen mooi op de spatiebalk en de polsjes niet laten doorhangen!” Dat waren de woorden van mijn vroegere leraar Dactylografie. Je mag je die kerel best voorstellen als een opdondertje met Italiaanse voorliefde voorzien van een verbaal agressief karakter met bijhorende lange manen tot in de nek. Toegegeven ik was, toen ik de eerste keer tikles kreeg, een echte loser voor dit soort lessen. Ik bakte er werkelijk niks van en dat was niet bepaald in de gunst van L’Italiano. Nu, er waren wel meerdere vakken waarin ik in die tijd een certified loser was. Het was zelfs zo erg dat ik uiteindelijk besloot om een jaar te  blijven plakken en ik in de vakantieperiode dagelijks een ware dril kreeg van mijn ouders op gebied van Dactylografie en de Franse woordenschat.

“qdsf jklm qsdf jklm qsdf jklm” … zo ging het tijdens de vakantie aan toe. Als je het juiste ritme gevonden had, dan kon je er daadwerkelijk een soort melodie in terug vinden. Op een elektronische tikmachine van mijn vader, met de duimen op de spatiebalk en de overige 8 vingers op de basistoetsen van het AZERTY klavier, tikte ik met grote tegenzin die 8 letters. In dien tied bestonden er wel computers, maar de lessen zelf werden nog op elektronische tikmachines gegeven. Om leerlingen te weerhouden dat ze naar hun vingers gaapten tijdens het zogenaamd blind typen werd er een A3 papiervel op je handen gelegd en vastgekleefd aan de tikmachine zodat er van spieken minder in huis kwam.  Desondanks de ietwat ambachtelijke wijze van dactylografie was dit al een stukje geavanceerder dat in de tijd van mijn ouders, toen zinnen tikken nog vakkundig werd geleerd op 100% mechanische tikmachines waarbij een vinger naast de toetsen zetten behoorlijk ambetant kon zijn. Een paar jaar later ging het er echter geavanceerder aan toe en mochten we de software “TYP TOP”  op de computer gaan gebruiken. Best goed gevonden die naamgeving en L’Italiano genoot zichtbaar in zichzelf wanneer iemand een tikfout maakte en er een irritant biepgeluidje door de klas weerklonk.  Dat geluidje werkte als een soort elektronische afstandsbediening want bij het weerklinken ervan kreeg hij visueel merkbaar een ironische grijns op zijn gezicht waarbij zijn tronie een soort serialkillerlook kreeg.

Wedstrijdjes om de meeste aanslagen per minuut werden niet in München of in Franse steden gehouden (vergeef me mijn sarcasme) maar duiden simpelweg op de kunst om het meest aantal letters per minuut op een vel papier te krijgen. Jaren later kwam ik een ex-klasgenoot tegen die destijds primus was in dergelijke wedstrijdjes. Het was niet het enige waar hij helaas primus in was. Het eerste wat hij me immers zei was dat hij nu NOG sneller kon tikken dan vroeger. Well good for you son,….  by the way,… in het kader van de competitiviteit, weet je trouwens nog dat ik in ons laatste jaar samen eigenlijk de enige was die zijn diploma “Tekstverwerking” gehaald heeft voor de West-Vlaamse jury? 

Nu kan ik je wel nog vertellen dat de dril van mijn ouders behoorlijk goed gewerkt heeft. Dactylografie ging het jaar daarop een stukje vlotter en hedendaags komt het best wel van pas in mijn beroep, want ik heb soms de neiging om lange epistels vol uitleg te tikken. Ook op momenten wanneer ik een schrijfsel als deze uit mijn vingers laat rollen, is de kunde om met 10 vingers te kunnen tikken best een must.  L’Italiano zou het eens moeten weten.

 

Geef een reactie

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

%d bloggers like this: